Ja, dat is iets hoor.
Als ik ook maar 1 keer met iemand gepraat heb over mijn kanker, dan kan ik daarna weer gewoon Saskia zijn, in plaats van Iemand Met Kanker. Maar het is wel raar als dat niet gebeurt.
De laatste tijd ga ik weer naar allerlei feestjes en bijeenkomsten. Daardoor kom ik steeds vaker in contact met allerlei mensen, die ik wel een beetje ken, maar die mij niet meer gezien hebben na De Diagnose. Dan zie ik de Kankerdrempel opdoemen. Het moet eigenlijk wel even genoemd worden, anders staat die olifant zo in de weg in de kamer. Alleen weet ik niet altijd wat ik moet zeggen als zo iemand vraagt hoe het gaat. Ik kan zeggen ach ja, gaat wel, of er drie uur over praten. En soms loopt het gesprek zo, dat dit onderwerp achter allerlei andere onderwerpen verdwijnt, of misschien vermeden word. En dat is dan ook wel weer uncomfortable.
En soms ben ik gewoon heel benieuwd hoe het met iemand anders is, maar als ik daar dan naar informeer dan voelen veel mensen zich toch ook verplicht om aandacht voor mij te hebben. En dat hoeft dan ook niet altijd.
In dit onbekende land is de enige wegwijzer een steeds zo helder mogelijke communicatie. Moet ik ook nog wel oefenen. Dat als De Olifant nog in de kamer staat, ik iets kan zeggen als: goh, ja, er is wel van een hoop gebeurd sinds dat wij elkaar de laatste keer zagen! Of dat ik bij gelegenheid kan roepen: Nee hoor, nu gaat het even niet om mij! Ofzo.
En het slijt ook wel een beetje als conversatietopic, en dat is natuurlijk ook helemaal oke. Dat zowel ik als mijn medeconversanten andere onderwerpen weer steeds interessanter gaan vinden.
Laatst was ik op een meeting met allerlei lieden die niets wisten van welke olifant dan ook, en gingen vragen naar mijn beroep. En dat ik dan zonder blikken of blozen uitgebreid ging vertellen, alsof ik mijn laatste patient gisteren gezien had in plaats van 9 maanden geleden. Ging nog vanzelf ook. Alleen achteraf voelde ik me, zoals altijd op zulke momenten, een beetje bibberig en melancholisch. Hoort erbij.
