Langzaam daalt de stilte een beetje neer. Dat we soms alleen maar wat voor ons uit staren, dat hebben we allebei.
De begrafenis van een tweede jongeman vorige week (wat overigens ook heel liefdevol was vormgegeven en vooral mooi overkwam. Maar onbegrijpelijk, onbegrijpelijk. Dat beide jongens niet bijtijds hulp hebben weten te vragen, dat ze hun duistere kanten niet hebben willen of kunnen delen met hun omgeving, zo triest……) gecombineerd met reeds geplande vakantiedagen doet ons verstillen, verlangzamen, verpeinzen.
Ik heb zelf moeite met nog meningen te hebben. Ik ben teveel veronderstellingen kwijtgeraakt: ik had zo’n goed contact met Sam, hij vertrouwde mij, we konden alles zo goed bespreken samen,als je maar voldoende van je kind houdt en hem laat merken dat hij zeer gewenst is, dan komt het wel goed, als ouders ga je eerder dood dan je kinderen, alle investeringen die je gedaan hebt zie je opbloeien tot een zelfstandig leven.
Deze gebeurtenis heeft mij, volgend op mijn borstkanker, schoongewassen. Emoties en plannen dobberen voorbij (nou ja, denderen soms voorbij)
Ik sta open voor een nieuwe kijk op de wereld. Mijn vooroordelenschoolbord is schoongeveegd. Ik kan niet voor mij zien welke kant die op gaat. Dat voelt ergens wel rustig, maar ook… een beetje leeg.
Dus volg ik mijn intuitie maar. Als ik die kan horen. En anders weet Bert me meestal wel te helpen herinneren.
