UPDATE BERT EN SASKIA

Eerst Bert: hij had gisteren ook nog een petscan in rotterdam, om te kijken of er toch ergens kanker zat die de embolieen maakte. Uitslag: NIET DUS, alles is goed. Jippie! We hebben dat tevoren niet erg rondgebazuind, want anders waren wij wellicht door teveel medeleven geheel omvergeblazen. Bert is wel erg erg moe.

Dan Saskia: Is nu op de afdeling. Gisteren: Bloeddruk is nu goed, wel geheel geradbraakt, eetlust is nul en nog steeds benauwd met vocht in de handen en voeten en volgens mij buik en borst. Er verdwijnen steeds meer slangen. Na herhaald klagen komt er een Reddende Dokter die plaspillen voorschrijft, furosemide. Op de eerste dosis 2 liter geplast en dat helpt echt. Vandaag: Uitgeput maar weer meer Saskia dan alle dagen ervoor. Ik kan weer lange zinnen zeggen! Nog 1 dosis furosemide en dan ben ik wel leeggeknepen. Zelfs een heel klein beetje eetlust. Voelt wel alsof iemand mij door de wasstraat heeft gehaald, met harde borstels. Nu nog medicatie goed instellen en dan kan ik misschien zaterdag 9 naar huis.

Saskia in het ziekenhuis

Hier een vervolgje.

Na 1 dag hoge koorts en vreselijke gewrichtspijnen en lage bloeddrukken ben ik op de IC opgenomen, vooral om de bloeddrukken continu te kunnen monitoren via een lijn in een slagader. 

En don’t worry, Bert mag gewoon weer komen hoor,  eerst met mondkapje maar het is geen corona dus nu mag het zonder. 

Nou zeg,  zo’n IC is eigenlijk Intensieve Verwennerij. 1 verpleegkundige op 1 a 2 patiënten,  artsen die 2x per dag visite lopen en tijd hebben voor al je vragen, alles willen ze voor je doen.  Nou ben ik natuurlijk een makkie voor hen, ik lig niet aan de beademing, ik kom niet uit en Heel Ingewikkelde operatie,  en ik kan binnen een dag al allerlei zelf. Ze vinden het zelfs leuk als ik kritische vragen stel!

Het is natuurlijk niet niks. Arterieel infuus, catheter, en 2 gewone infusen en continue hartbewaking.Aantal snoeren/ slangen benadert de 15. Savonds laat nog een centrale lijn in de lies geprikt om hogere doses te kunnen blijven geven van een bepaald medicijn (niet leuk!).

Steeds bloed bepalen en er is van alles in de war.  ( voor de hobbyisten: CRP stijgend tot 370 de 3e dag, een  beetje DIS, ofwel de stolling is in de war, de trombocyten (bloedplaatjes) laag tot 79, en dat allemaal NIET door de bloedverdunners, magnesium te laag, fosfaat heel erg laag, 0,2.

Maar de koorts is weg na 1 dag. 

De spierpijnen de dag erna. Dan heb ik nog overal vocht, handen,  voeten,  armen,  buik, maar NIET  in de longen,  daar heeft mijn dapper hartje voor gezorgd die al deze ellende moedig heeft doorstaan! Oorzaak? Stil liggen en 12 liter vocht toegediend krijgen om de bloeddruk op peil te houden) Bloeddruk en zuurstof trekken langzaam bij

En wat heb ik dan eigenlijk?

Ze kunnen er niets anders van maken dan een allergische reactie met daarbij,  als TOEVAL of misschien een beetje gestimuleerd,  een sepsis, een in mijn geval milde bloedvergiftiging (noem je dat MILD? Jazeker,  kan veeeeeeeel erger verlopen met weken doodziek zijn en allerlei enge complicaties. En bij mij was de koorts al zakkende na 1 dag,  toen ik pas preventieve antibiotica kreeg, dus wellicht heb ik het zelf al een beetje kunnen bestrijden. 

Ze hebben geen bacteriën kunnen vinden in het bloed.  Maar dat schijnt best vaak voor te komen. Gek hé. 

Nu: beter worden! Geduld hebben! Waarschijnlijk morgen van de IC af en dan misschien over een paar dagen naar huis. Bidden dat we nu een saai leven mogen krijgen!

niet saai.

Ja je zou toch niet willen dat het leven saai wordt. Daarom hebben wij vandaag toch maar weer een medische toestand geregeld. Ik heb 25 jaar geleden een halve allergische (anafylactische) reactie gehad op ibuprofen inclusief observatie in het ziekenhuis.  Daarna nooit meer geslikt natuurlijk. Maanden geleden heb ik heel voorzichtig ibuprofen gel geprobeerd voor mijn gewrichtsonstekingen. Dat ging goed en ik heb het regelmatig gebruikt. Maar vandaag ging het niet goed!

Na smeren overal galbulten, waarvoor ik anti-allergie tabletjes nam, maar ook omvallen van de lage bloeddruk. Toen de ambulance kwam, was de bloeddruk een stuk beter geworden. Dus zijn ze weer vertrokken. Alleen: een  half uur later was de bloeddruk toch weer/nog laag : liggend 64 over 45. Weer de ambu gebeld,  die mij naar het ziekenhuis bracht, waar ik 1x adrenaline kreeg en allerlei onderzoeken.  Hart is ook oke. Maar savonds hoge koorts en overal pijn en heel zwak en de bloeddruk nog steeds laag. Waarschijnlijk gemeen virus? Ik ben nog opgenomen en Bert mag niet komen. 3x een ambu aan onze deur binnen 3 weken!

Niet saai, he?

Pffffff

En dan gebeurt er even niet meer zoveel….

Bert is nu een week met ontslag. De dagen vullen zich met een wandelingetje (nu al weer 2,5 km) en vaak tegen elkaar zeggen dat het allemaal toch wel heel erg naar was. O ja en tomatensaus maken. Enzo. O ja en wij zagen de film The North. Aanrader als je heel erg van schotse landschappen houdt.
Bert kan zich redelijk redden. Maar elke keer als hij de trap oploopt vergeet hij dat het langzaam moet en dan hijgt hij bovenaan als een doorgerookt karrenpaard. En hij heeft overdag wel 4 flinke slaapmomenten nodig.
Ik heb mijn poststress dip. Weer. Dat hart van mij, dat trek ik nog wel. Ik heb er redelijk vertrouwen in. dat die functie wel grotendeels goed komt. Maar die ziekenhuisopname van Bert vond ik toch echt wel heel vreselijk. En dat missen van de diagnose vond ik toch ook wel heel vreselijk.
Ik heb toch nog weer een gesprek aangevraagd met de superviserende specialist van die dag. Ik heb echt erkenning en empathie nodig voor de situatie om het los te kunnen laten. Gelukkig waren de assistenten erg behulpzaam toen ik dat aangaf en na de vakantie van die arts, dus over een maand ofzo, krijg ik een gesprek met haar buiten het spreekuur om (=meer tijd). Hopen dat ze minder defensief is deze keer. Ik heb nu in ieder geval goed helder wat ik precies nodig heb om te horen. En ik heb een recent protocol gevonden van het Erasmus voor diagnostiek van longembolieën, waarin precies staat dat er inderdaad bloed (de D-dimeer) had moeten worden geprikt op die ochtend.
Bij mij duiken er in zo’n dip dan altijd allerlei blessures en lichaamspijnen op. Sja. Die moeten ook weer voorbijdrijven. Misschien genoeg huilen? Bert heeft de pijnen vanavond proberen te verhelpen met Mona griesmeelpudding. Hielp best redelijk!

ONTSLAG! Even lekker mopperen.

Vandaag, vrijdag 25 juni mag Bert toch met ontslag. Het zou eerst zaterdag zijn, maar hij kan zich redden met morfinepillen dus waarom niet. En ik heb even zin om lekker te zeiken en te mopperen. Hier komt het!
Got wat moet je een geduld hebben als patient zijnde zeg! We moeten in de ochtend wachten op de zaalarts, wachten tot alle recepten gemaakt zijn, wachten tot iemand het infuus komt verwijderen, wachten tot de verpleegkundige nog het laatste formulier komt brengen. Dan blijkt dat de Erasmus-apotheek, denkende dat hij pas de volgende dag met ontslag zou, alles pas om 5 uur IN ROTTERDAM klaar zou hebben staan! Ben ik gauw gaan regelen en verzoeken om de recepten toch maar naar onze Bussum-apotheek te zenden en de bestelling voor de Erasmusapotheek te annuleren. In Bussum doen ze echter altijd heel moeilijk over direct noodzakelijke afleveringen, dus ik moet goed zeuren voordat die dat toezeggen. En dan, terwijl we naar huis rijden, krijgt Bert bericht dat alles klaarligt…..in Rotterdam! Honderden euro’s aan medicijnen zijn nu dubbel besteld. Hebben we dat weer netjes afbesteld.
Als we dan eindelijk thuis zijn voorzien van de meest urgente medicijnen, alhoewel niet allemaal in de hoge hoeveelheid, dan gaan we allebei heeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeel moe zijn. Heel moe. Zal wel nodig zijn he.

GESPREKKEN

Gisteren werd ik op de moestuin geholpen door een lieve en sterke collega en vriendin. Haar tuinpartner kwam ook even kijken, en die vroeg in zalige onwetendheid hoe het ging met mij. Ik had er zo genoeg van om mensen te laten schrikken, dat ik eruit flapte: Nou ik heb een hartaanval gehad en mijn Bert longembolieen, maar verder gaat het goed hoor. Ik vond hem zelf wel erg grappig eigenlijk. Hij schrok natuurlijk toch, maar kon alleen maar zeggen: Nou, je kunt tenminste nog lachen. En zo is het. (Ook)

Ook gisteren heb ik een gesprek aangevraagd over de gebeurtenissen rond de (uitgestelde) diagnose van de embolieen, nu 5 dagen geleden. Opeens realiseerde ik mij, dat niemand 1 woord tegen mij erover had gezegd. En Bert had alleen als dopey een kort onhandig afgebroken gesprekje gehad. Een uur later dan aangekondigd kwamen er 4 dokters binnen: 2 supervisoren, de assistent die dienst had gehad de dag van opname en de zaalarts. De zaalarts begon monter met de visite: hoe gaat het, heeft u nog ontlasting gehad, enzovoort. Die andere artsen stonden er een beetje bij (en ik begreep pas later, dat dit een speciaal samengesteld gezelschap was om Het Incident te bespreken!)
Ik had een lijstje met visitevragen, en de laatste vraag was: ik wil graag bespreken hoe het nu gegaan is bij de opname. Ik heb daarop verteld hoe het was voor mij, dat ik een D-dimeer bepaling had gewild, hoe bang ik ben geweest die dag(dat merkte ik pas achteraf). De supervisor (die die dag dienst had gehad) ging uitleggen waarom zij in eerste instantie niet aan een longembolie dachten. Zij dachten aan een virus, want meneer was snotterig. Nee, hij was niet snotterig, ik had gezegd dat hij een klein beetje keelpijn had gehad (was al over) en 3x had gehoest die nacht. (was ik maar niet zo gedetailleerd geweest! dat was gelijk vertaald als snotterig). De bepaling van D-dimeer was niet betrouwbaar vanwege een licht verhoogd ander stofje in het bloed (CRP van 28). Die bepaling was eigenlijk alleen bedoeld om een longembolie uit te sluiten en als je er echt aan dacht, zou je gelijk een hele scan met contrast en al van de longen moeten maken. Dat doe je liever ook niet voor niks.
Maar de volgende keer hebben ze wel aan de longembolie gedacht, ging de supervisor voort. Nu werd ik kwaad. NEE zei ik, dat is niet waar. Ik heb einde van de middag gebeld en gezegd, dat de pijn een stuk erger werd en of de assistent zeker wist, dat het geen longembolie was en of ik morfine kon geven. De assistent liet voor het eerst van zich horen: Dat klopt, dat was niet juist en daar biedt ik mijn excuus voor aan. Hehe, eindelijk een excuus. Het kwam er iets te gladjes uit (gerepeteerd?)

In eerste instantie was ik wel opgelucht dat de zaak besproken was en ik geloof best dat met de manier waarop de assistent het geformuleerd heeft in haar overleg naar de supervisor toe in de ochtend gemaakt heeft, dat het toen een goede beslissing leek om verder niets te doen. Ik heb nog de suggestie gedaan, om in zulke gevallen te proberen de hulpvraag te verhelderen, zoals wij dat noemen. Bijvoorbeeld: maar wat is precies uw reden dat u zo ongerust bent over een longembolie? Dan zou ik gezegd hebben: ja, nu u het zo vraagt, eigenlijk was de eerste en duidelijkste klacht van Bert pijn bij inademen op de borstkas. En ja dat past goed bij een longembolie Nou ja. Wat is duidelijke en precieze communicatie toch moeilijk! Dat doen wij in ons gezondheidscentrum toch een stuk beter.
Uiteindelijk ben ik maar gedeeltelijk tevreden. Ik had zo graag willen horen dat zij ook empathie hadden voor mijn kant van de zaak. Maar je kunt geen veren van een kikker plukken dus ik ga oefenen in loslaten, om mijzelfrust te geven.

EINDELIJK! EN WAT MOET ER NU GEBEUREN?

Eindelijk! Nou ja, eindelijk,  eigenlijk zijn er pas 3 dagen verlopen sinds Bert een diagnose kreeg (eehh…3 en een half sinds hij een diagnose had moeten krijgen)
Wat dan eindelijk? Eindelijk gaat hij echt vooruit! 
Binnen 1 dag van de ketamine af ( nog wel aan de morfine hoor) EN veel minder pijn. Hij kan lopen, zichzelf douchen en hij begint zich te vervelen (= goed teken!). En het is weer Bert geworden in plaats van een beetje warrige ketamine-dopey die zich nauwelijks kon bewegen en niet kon slapen. 

Wat moet er nu nog gebeuren? Hij moet nog van de zuurstof af, hij heeft het nu een deel van de dag nog wel nodig. Hij moet van het morfine- infuus af. Hij moet nog meer kunnen lopen zonder neer te storten van benauwdheid of pijn. Hij moet een trap op kunnen.  Dat is het eigenlijk wel en dan kan hij weer naar huis. Paar dagen?

Ze gaan (poliklinisch) nog verder zoeken of er niet toch een bloedafwijking of een verstopte kanker te vinden is die de oorzaak kan zijn van de embolieen (allemaal niet waarschijnlijk). Als ze dat niet vinden,  dan zal het waarschijnlijk een zeldzame bijwerking zijn van de afweeronderdrukkende medicatie. 

En wat moet er met mij gebeuren? Ik moet voldoende momenten vinden om even rustig te huilen.
Ik moet er echt vrede mee krijgen dat de longembolie-diagnose de eerste keer is gemist en dat ik niet hard genoeg geroepen heb dat ze wel verder moesten kijken.
Ik moet mijn hart niet vergeten. (Ik heb een rare parallel-herinnering aan de eerste keer dat ik borstkanker kreeg op mijn 28e. Mijn vader kreeg 2 maanden later slokdarmkanker. En toen is iedereen, inclusief ikzelf, een beetje vergeten om mijn kanker nog aandacht te geven. Gelukkig heb ik nu een wijzer hart.)
Ik moet voldoende rust en afleiding hebben. Het helpt, om dingen te doen die mij energie geven (Gelukkig is dat echt niet moeilijk in dit jaargetijde. Tomatensaus inmaken. In de avondzon wandelen. Boontjes plukken, B&B vol Liefde kijken.
Verder helpt het om mijn blog boeiend te noteren.
En het helpt om bij verrassing cappucino met havermelk en suikervrije vanillesiroop voor Bert halen bij Starbucks, omdat hij de ziekenhuiskoffie zo vies vind. En dan doen we samen yoga-ademhalingen om zijn longen weer te ontkreukelen.
En dan zuchten we samen over ons rare leven.


De ontdekking van een longinfarct

Op vrijdag 18 juli was er nog niets aan de hand, Bert heeft 60 kilometer gefietst. Snachts sliep hij wat onrustig en ik dacht o jee, straks krijgt hij een virusje. Smorgens om 6 uur had hij pijn in zijn rechter zij op de ribben bij ademen.  Ik heb hem onderzocht en er was niet veel te vinden aan de borstkas. Hij kon niet diep inademen en had een klein beetje keelpijn, maar was verder niet erg ziek. De temperatuur was 38.1. Dan moet je bellen naar het Erasmus ziekenhuis en vervolgens zaten we om half 8 daar op de eerste hulp. 

Hij is daar onderzocht ( had toen een beetje drukpijn op de ribben),  er is bloed geprikt en een  longfoto gemaakt. Er zaten wat wazige plekjes op de foto en in het bloed was alles goed, behalve een licht verhoogd CRP van 28 (dat stofje raakt verhoogd door van alles, waaronder infecties). Er is 1 stofje in het bloed niet bepaald, dat prik je bij verdenking op een longembolie (de D-dimeer). 

De jonge dokter zei, dat het wel een virus zou zijn. Ik vroeg waarom het D- dimeer niet bepaald was en dat ik toch ongerust was of het geen longembolie kon zijn (daar kun je pijn bij ademen van krijgen). Nee dat kon niet,  want dan had je geen drukpijn op de borstkas. O, nou ja,  dat zal dan wel.  Met paracetamol ging het wat beter en hup weer naar huis. 

Ik de loop van de dag werd de pijn erger. Op een gegeven moment kon hij geen seconde meer platliggen. Ik weer bellen naar het ziekenhuis en ik kreeg dezelfde dokter aan de lijn. Ja,  hij heeft nu duidelijk meer pijn bij het ademen en nu ook pijn bij bij bewegen. Verder heeft hij alleen een beetje verhoging en verder niks nieuws. Ik vroeg: weet u echt zeker dat het geen longembolie kan zijn? Nee, alles was nagekeken vanmorgen (niet dus) en dat was allemaal goed, dus….. Of ik dan een tabletje morfine mocht geven wat we nog in huis hadden. Nou,  moet dat echt,  liever niet,  nou vooruit dan.
Een uur later was de pijn ondraaglijk geworden. Bert liep luid kreunend door de kamer,  ik mocht niet meer praten en hem niet aanraken, het was echt vreselijk. Weer in paniek gebeld  en toen direct met de ambulance nog een keer naar Rotterdam gevlogen.
Daar namen ze het nu wel serieuzer en op de ct- scan waren meerdere grote longembolieen te zien met een infarct in de onderkwab van de rechter long. (ja, precies waar de pijn begon) Een longinfarct krijg je als de bloedtoevoer daar helemaal is afgesneden en kan heel erg pijn doen.

Nu was de diagnose duidelijk. Hij kreeg morfine (ja nu mocht het wel) en ik lag om 4 uur snachts in bed. Het heeft op en af meer dan anderhalve dag geduurd voordat de pijn goed onder controle was te krijgen met fentanyl en ketamine, en voordat hij weer wat wilde eten. Op dit moment heeft hij nog steeds zuurstof nodig en is hij raar en in de war van de ketamine. Maar daar is even niets aan te doen, want het is het enige wat helpt samen met fentanyl.

Op maandag 21 juli is de dokter van ons eerste, tevergeefse bezoek langs geweest bij Bert, toen ik er nog niet was. Ze heeft,  zoals ik begrijp,  een beetje onhandig geprobeerd om excuses te maken. Op de gegeven moment liet Bert uit zijn mond vallen dat ik 2,5 week geleden een hartaanval heb gehad en toen begon Bert een beetje te huilen (nou, wat ontzettend jammer dat ik dat niet heb gezien.  Ik heb hem maar 1x eerder 1 traan zien laten, bij de geboorte van de jongens!) En toen….. ging zij ook een beetje huilen!

Mijn eerste reactie was: Ha, lekker,  dat komt ervan! Daarna heb ik een prachtige, milde en uitgebreide mail naar haar gestuurd met 8 punten vol opbouwende feedback, wat zij kon verbeteren een volgende keer, en dat ik niet boos ben (nou ja, niet boos genoeg om haar af te branden.  Ik heb zelf ook wel eens domme dingen gedaan als dokter hoor)

Ze hebben overal gekeken of ze een specifieke oorzaak konden vinden voor de embolieen, maar nee. Het kan een zeldzame bijwerking zijn van de medicijnen en soms is er geen enkele speciale oorzaak te vinden, dan is het gewoon pech). 

Ze hebben ook de lever driedubbel gecheckt, maar nee, die is helemaal fris en fruitig!

Bert kreeg gelijk bloedverdunners. Die moeten voorkomen dat er nieuwe stolsels komen en het lichaam moet de oude stolsels gaan opruimen. Met het oplossen van die stolsels zal naar verwachting binnen een paar dagen het infuus en de zuurstof niet meer nodig zijn. Het blijft even afwachten hoeveel schade de longen hebben opgelopen. Gelukkig hebben longen goede herstel-kwaliteiten en kun je ook wel een kwabje missen. 

Wij zijn allebei uitgeput van al deze gebeurtenissen en Bert is suf en een beetje in de war (van de medicatie tegen de pijn). Vannacht werd ik geplaagd door de zinloze vraag, waarom ik de eerste keer niet harder heb aangedrongen op bepalen van de D-dimeer. Ik heb geprobeerd net zoveel compassie te hebben voor mijzelf als ik voor die falende dokter van de eerste hulp heb.

Wij zouden graag weer eens alleen maar meeleven met andere mensen, in plaats van omgekeerd! Maar de buurvrouw heeft pasta met walnotensaus gebracht en we krijgen heel veel virtuele hugs en iedereen leeft mee en dat helpt toch ook wel heel erg. 

WAT NU WEER?

Wij zijn in de running voor kampioenschap medische toestanden per echtpaar 2025. We gaan vast niet winnen,  maar we doen ons best!

Want?

Bert ligt nu in Rotterdam aan de zuurstof en aan een pomp met morfine en ketamine. Nee niet als tijdverdrijf, maar omdat hij zaterdag 19 juli een longinfarct heeft gehad door long embolien. Dat er een stuk van 1 long teveel zuurstoftekort heeft gehad en daardoor niet meer werkt. Dat doet dus heel erg pijn. 

Waar komen die longembolien vandaan? Dat is niet duidelijk,  soms komen ze zonder oorzaak. Had hij al lang last? Nee, pas 1 dag. Hoe is dat dan precies gegaan? Dat vertel ik in een volgend blog. Hoe gaat het nu met hem? Alweer de goede kant op hoor. Kans is groot dat hij over een paar dagen met bloedverdunners en pijnstillers en al naar huis mag. 

Ik merk een drempeltje om dit nieuwtje te delen. Waarom?

Ik heb er eigenlijk een beetje genoeg  van om medeleven te krijgen. Dat klinkt een beetje ondankbaar. Ik vind het super lief en fijn dat er zoveel vrienden en kennissen en buren en familie en collega’s betrokken zijn en ik zou niet weten wat ik zou moeten beginnen als ik dat niet kreeg. Maar in overmaat is het een beetje….eenzijdig.
Het is zoveel fijner om mooie dingen te kunnen delen met je omgeving!
Dus lieve omgeving:
Het is heel begrijpelijk als jullie dingen denken en voelen als:
Och, hebben ze nu nog niet genoeg gehad? 
Of: het is niet eerlijk toch! 
Of: O wat erg, dat dit juist jullie moet overkomen!
Het is natuurlijk allemaal een trieste samenloop van omstandigheden. Zeker. Ik moet zelf ook tijd en ruimte geven aan mijn verdriet en onzekerheden. Maar ik wil het graag niet heel erg vaak horen! 

In dit opzicht moet ik terugdenken aan 2018, toen ik borstkanker kreeg en dat ging vertellen op mijn werk.  Daar wemelt het namelijk van de lieve meelevende collega’s. Toen heb ik iedereen een mail gestuurd met de volgende wens: zeg alsjeblieft niet tegen mij hoe erg je het vind, dat kan ik niet zo goed verdragen. Maar hugs geven,  dat is altijd fijn! En hup iedereen huggen, in het echt of virtueel, soms zonder verder iets te zeggen. Ik vond het geweldig en heel erg steunend. 

Wat zou dan nu fijn zijn?
Dat jullie in ieder geval niet gillend weglopen omdat het voor jullie too much is. Dat er natuurlijk aandacht is voor al deze medische avonturen, maar ook voor de mooie dingen om ons heen en voor jullie wel en wee.
En hugs, echte of virtuele, of papieren….. die kunnen er wat mij betreft nooit genoeg zijn. 

En dan is het weer 14 juli.

De dagen vullen zich met steeds verder opbouwend wandelen, duizeligheid, lekker simpele films kijken overdag, misselijkheid, veel communiceren met al mijn lieve naasten, uitputtingsaanvallen, en groenten verwerken uit de absurd goed groeiende moestuin.

Maar hoe vul je op dit moment nou de 5 jarige sterfdag van onze Sam? Lange wandeling kan niet deze dagen. En er is meer verdriet dan anders.
Oké: Lieve berichtjes beantwoorden.  Korte wandeling! Lunchen aan de loosdrechte plassen. Samen naar de moestuin. Savonds mooie film kijken via pathe thuis ofzo. Geen tranen tegenhouden. De tranen van verdriet hebben een aanhangwagentje, en daarin rijdt de zachte traan van ontroering mee over alles wat zo mooi is in deze wereld.  

Op de foto is te zien, dat Sam zijn plekje nu moet delen met onze regenbogen. En dat wij doen wie het mooiste medicijndoosje heeft. (onbesliste strijd) En wie de meeste pillen heeft (Saskia onbetwiste winnaar, nu 10 pillen smorgens)